Bijeenkomst Regionale groep: Een goede kopgroep geeft ook een jagend peloton

Peelhorst Actueel Geplaatst op: 27 juni 2013

De Regionale groep van het Netwerk de Peelhorst was dinsdagavond 25 juni te gast bij Marijke Nooijen van Vair Varkenshuis in Erp. Nooijen is een pionier die zich hard maakt voor een betere veehouderij, maar voor haar nieuwe plannen wel haar directe omgeving heeft moeten winnen. Tijdens deze avond lichtten Roger Engelberts en Hans Corsten van ‘Zo ziet Limburg dieren’ de aanpak toe die Limburg kiest om in 2025 elke veehouderij een lust voor de omgeving te laten zijn. Jack van Dijck van het Ondersteuningsteam de Peelhorst sloot tenslotte af met zijn veldervaringen als procesbegeleider.

Sociale inpassing is net zo belangrijk als landschappelijke inpassing

Marijke Nooijen van Vair Varkenshuis is een pionier in de transitie naar een duurzame veehouderij. Samen met haar man Michiel Nooijen bedacht ze een nieuw duurzaam concept, waarbij rekening is gehouden met de meest strenge eisen van de Dierenbescherming en Stichting Milieukeur.
De familie Nooijen heeft zich vanuit passie zelf duurzame doelen gesteld, zoals geen antibiotica, minder stank door een zogenaamd varkenstoilet, veel licht en frisse lucht voor de varkens, een transparante bedrijfsvoering voor ieder die daarin belangstelling heeft, afleiding voor de dieren, het bevorderen van nestelgedrag , het sluiten van natuurlijke kringlopen en smaakvol eten. Het is duidelijk dat bij Vair varkens verblijven die het naar hun zin hebben: naast de vergadertafel liggen achter glas in ruime hokken de biggen, met een lange krulstaart, op stro te slapen.

Maar het komt koud op je dak als je plannen, waar je je passie in legt, niet geaccepteerd worden door de omgeving, vertelt  Marijke Nooijen aan de Regionale groep. Het oorspronkelijke plan met 250 zeugen en nieuwe stallen werd ondanks alle duurzame ambities niet geaccepteerd. Er was vooral onrust over de nieuwe stallen die in het zicht zouden liggen van een aantal buren. Toch is er bij de omwonenden een duidelijke kentering gekomen. Dit komt doordat Marijke met de buurt in gesprek is gegaan. In meerdere bijeenkomsten werden angst en bezwaren uitgesproken. Tijdens een fietstocht zijn alle naastliggende percelen bezocht en is er ter plekke met de omwonenden gekeken naar de bezwaren.
Uiteindelijk is ervoor gekozen om het concept toe te passen in de bestaande gebouwen, met 20 in plaats van 250 zeugen. Wel duurzaam. Met de tijd en transparantie van het bedrijf, groeide het begrip: de directe omwonenden zijn nu ambassadeurs voor Vair Varkenshuis.

Wetgeving nog niet klaar voor omschakeling naar duurzame concepten

Innovaties in stalsystemen kunnen bijdragen aan een duurzame veehouderij.  Die stappen worden nu gezet. Veel meer uitdaging ligt in het omgaan met strenge regelgeving, blijkt ook uit het initiatief van Vair. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om de verplichting een luchtwasser aan te schaffen zolang een bedrijf niet SKAL gecertificeerd is. Marijke geeft aan dat dit innovatie naar andere stalsystemen, zoals het Varkenstoilet (dat ook werkt aan stankvermindering) in de weg staat.

Op meerdere plekken zit deze rigide regelgeving in de weg. De wetgeving is nog niet klaar voor omschakeling naar andere concepten. Dat beamen naast Marijke ook meerdere leden van de Regionale groep. Frank van den Dungen, van de Bernhezer Buitenwacht, vertelt over een recent bezoek van een Tweede Kamerlid,  waarbij zij hebben gepleit voor meer experimenteerruimte. Staatsecretaris Dijksma heeft al aangegeven dat er voor de zomer van 2013 een experimenteerregeling moet komen. Het is nog onduidelijk wat deze precies inhoud, maar wellicht is dit een eerste stap.

Stel 100-dagen doelen

Wil je slagkracht in een transitie en in initiatieven, dan is ruimte in regelgeving nodig. Dat is het advies van Roger Engelberts namens Zo Ziet Limburg Dieren (ZZLD), het Limburgs netwerk dat werkt aan de transitie naar een duurzame veehouderij. Het betekent ook een andere werkwijze voor ambtenaren en wethouders, vult Hans Corsten aan. Denken vanuit de ondernemer, niet vanuit de regels die we hebben opgesteld. Zij noemen dat ‘Van Vinken naar Vonken’, ofwel: de ambitie in het verhaal zoeken en niet enkel de richtlijnen afvinken.

Er zijn goede voorbeelden van gemeenten, burgers en ondernemers die op zo’n manier werken. Limburg heeft  zichzelf voor de transitie van de veehouderij een stip op de horizon gesteld: ’in 2025 is elke veehouderij in Limburg een lust voor haar omgeving.’ De koplopers moet je ruimte bieden en faciliteren. En je moet niet huiverig zijn de achterblijvers publiekelijk bekend te maken. Deze aanpak is onderdeel van de provinciale Ambitienota ‘Limburgse Land-& tuinbouw Loont'.

Naast regelgeving die ruimte biedt voor goede alternatieven kom je ook ver met ambitie, en vooral met haalbare doelen. Te vaak wordt er jaren gepraat over plannen. Stel doelen van 100-dagen, reken elkaar af op resultaat, dan kom je in de versnelling. Engelberts geeft aan: we zijn hard bezig om de geformuleerde hoofddoelstellingen op te knippen in korte termijndoelen waar alle stakeholders in het netwerk (circa 60) aan werken.

Veldervaringen

In de Peelhorst is het Ondersteuningsteam ook hard bezig om koplopers te faciliteren en gesprekken te voeren met ondernemers en omwonenden op plekken die daar om vragen. Jack van Dijck van het Ondersteuningsteam komt als procesbegeleider soms hobbels tegen. Het is belangrijk dat mensen en partijen in het Netwerk de Peelhorst zich hiervan bewust zijn:

  • Aandacht voor de emotie van mensen is heel wezenlijk om begrip en vertrouwen te krijgen. Om de benodigde dialoog tussen boeren, burgers en de overheid goed te verzorgen, is een pool met procesbegeleiders in oprichting.
  • De overheid is nog lang niet altijd het voorbeeld van een verbindende factor of een voorbeeld voor burgers en ondernemers om vertrouwen te hebben in elkaar. Er is meer training nodig bij ambtenaren, wethouders en raadsleden om mee te bewegen met de burger en ondernemers. Zoals Limburg dat noemt: ‘Van vinken naar vonken’.
  • De aankomende gemeenteraadsverkiezingen in het voorjaar van 2014 vormen een uitdaging om te blijven verbinden en niet in de valkuil van polarisatie te vallen.
  • Alle partijen spelen een rol bij de transitie van de landbouw. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm zijn van samenwerking (innovatiegroepen), maar soms ook door middel van actie. Beide vormen kunnen bijdragen aan daadwerkelijke veranderingen naar een veehouderij die goed is voor mens, dier en omgeving.  
  • Banken: kijk naar concepten waar voorfinanciering van bovenwettelijke duurzame investeringen mogelijk is.
  • Burgers betrekken bij de transitie is geen gemakkelijke opgave. Op bedrijfsniveau krijg je prima burgers aan tafel, maar op gemeentelijk en regionaal niveau is het veel lastiger om 'de burger' te bereiken.
  • De informatie over gezondheid mag nog veel eenduidiger. Een aandachtspunt daarbij is de versterking van de samenwerking tussen dierenartsen en huisartsen. Hier worden nu overigens concrete stappen in gezet.


Filmpje

Het Ondersteuningsteam heeft onlangs een filmpje over de werkwijze van Netwerk de Peelhorst gemaakt. De leden van de Regionale groep vinden het een welkome aanvulling, vooral om snel met groepen tot een gesprek te komen: het filmpje biedt daar voldoende aanknopingspunten voor.

Hans van Dommelen vervolgt dat het ondersteuningsteam de Peelhorst de komende maanden blijft inzetten op de begeleiding van knelpunten, kennisdeling, het stimuleren van innovatie, de relatie stad en platteland, betrekken van jongeren met jongeren en nieuwe beleidsinstrumenten (zoals het recent afgeronde voorstel dialoog).

 

De Regionale groep de Peelhorst ondersteunt inhoudelijk en procesmatig de partijen in het netwerk om daarmee de ontwikkeling van duurzame landbouw en verbetering van de leefbaarheid te versnellen.

Categorieën:

Gebiedsniveau

Voeg een reactie toe